Geen Armeense, maar Ottomaanse genocide

Wat de Armeense genocide heet, is inmiddels ook in Nederland een hot item geworden. In de afgelopen weken is er ruimschoots aandacht besteed aan de lotgevallen van de Armeniërs. Er gaat geen dag voorbij of de media herinneren ons aan „de Armeense kwestie.” Waarom hun Griekse en Aramese lotgenoten tot op heden doodgezwegen worden, is me evenwel ontgaan.

Toch zijn er in diezelfde periode óók honderdduizenden Grieken en Arameeërs uitgemoord. Om maar niet te spreken van de intensieve turkificatie, onderdrukking en discriminatie die hen na de genocidale periode teisterden in hun door de Turken -én Koerden- bezette vaderland.

Alle feiten in ogenschouw nemend is het rechtvaardiger en correcter om van de Ottomaanse genocide tegen de christenen te spreken. Door deze beschrijving te hanteren, verschuift het accent van de slachtoffers naar de daders en hoeven de tot dusver vergeten slachtoffers van dezelfde bloedbaden zich niet langer miskend te voelen.

Bijna alle achtergrondartikelen die recentelijk over de Armeense genocide handelden, citeerden uit het befaamde ooggetuigenverslag van Henry Morgenthau om erop te wijzen dat er destijds daadwerkelijk sprake was van een geplande volkerenmoord tegen de Armeniërs. Maar wat betreft de Griekse en de Aramese slachtoffers kan ook het volgende uit hetzelfde boek van de toenmalige Amerikaanse ambassadeur te Constantinopel geciteerd worden.

„En nu hebben de jonge Turken, die zo veel van sultan Abdul Hamids ideeën overgenomen hadden, zich ook zijn Armeense politiek eigen gemaakt. Hun passie voor de turkificatie van de natie scheen logischerwijs de uitroeiing van alle christenen -Grieken, Syriërs (Arameeërs) en Armeniërs- te vereisen.”

„De Armeniërs zijn niet het enige onderworpen volk in Turkije dat geleden heeft onder deze politiek om van Turkije exclusief het land van de Turken te maken. Het verhaal dat ik over de Armeniërs verteld heb, kon ik met bepaalde wijzigingen evengoed over de Grieken en de Syriërs (Arameeërs) vertellen. Inderdaad, de Grieken waren de eerste slachtoffers van dit nationaliserende idee.”

Het is onverantwoord dat de politiek en de media ongeveer 17.000 nabestaanden van de Aramese slachtoffers die in Nederland wonen -en die in aantal veel groter zijn dan hun Armeense geloofsgenoten- volkomen negeren. Daarentegen is het opvallend hoeveel aandacht er aan de Armeniërs en hun kwestie besteed wordt. Op dezelfde wijze vergeten we, eveneens ten onrechte, enkele duizenden Griekse Nederlanders. Daarom dienen de politiek, de media en zelfs Armeense lobbyisten en intellectuelen hun verantwoordelijkheid in deze genocidekwestie te nemen.

In feite heeft de wereld altijd al geweten van het Armeense vraagstuk. De westerse kranten tijdens en na de Eerste Wereldoorlog stonden er bol van. Naar mijn mening was Hitlers welbekende en veelgeciteerde uitspraak dan ook echt overtuigend geweest als hij gezegd had: „Wie herinnert zich vandaag de dag nog de uitroeiing van de Grieken en de Arameeërs?”

 Bron: de interneteditie van De Telegraaf, 20 okt. 2006 & Het Reformatorisch Dagblad, p. 9, 30 okt. Vgl. „Ook Arameeërs werden door Turken uitgeroeid” in NRC Handelsblad, blz. 6, 17-10-2006.